Onze taal

Nederlands is voor buitenlanders moeilijk te leren. In de dagen van dodenherdenking en bevrijdingsdag, die weer dichterbij komen, word altijd weer uitgebreid stil gestaan bij dat wij in Nederland met zoveel culturen en nationaliteiten samen leven en dat we respect en begrip voor elkaar moeten hebben. Na lezing van het onderstaande rijmpje is het vast wel duidelijk waarom de Nederlandse taal zo moeilijk is.

 

Men spreekt van één lot en verschillende loten,
Maar het meervoud van pot, is natuurlijk geen poten.
Zo zegt men ook altijd: één vat en twee vaten,
Maar zult u ook zeggen, één kat en twee katen
Laatst ging ik vliegen, dus ik zeg: ik vloog,
Maar zeg nou bij wiegen beslist niet: ik woog.
Want woog is nog altijd afkomstig van wegen,
Maar is dan ik voog, een vervoeging van vegen?

Wat hoort er bij zoeken? Jazeker, ik zocht
En zegt u bij vloeken dus, logisch, ik vlocht?
Welnee beste mensen, want vlocht komt van vlechten
En toch is, ik hocht niet afkomstig van hechten
En bij lopen hoort liep. Maar bij kopen geen kiep.
En evenmin zegt men bij slopen: ik sliep,
Want sliep moet u weten, dat komt weer van slapen.
Maar fout is natuurlijk ik riep, bij het rapen.
Want riep, komt van roepen. Ik hoop dat u het weet
En dat u die kronkels beslist niet vergeet.

Dus kwam ik u roepen, dan zeg ik: ik riep,
Nu denkt u van snoepen, dat wordt dan: ik sniep?
Alweer mis mijn beste, maar u weet beslist,
Dat ried komt van raden, ik denk dat u het wist.
Komt bied dan van baden? Welnee, dat wordt bood
En toch volgt na wieden beslist niet: ik wood,
Ik gaf hoort bij geven, maar ik laf niet bij leven.
Dat is bijna zo dom als, ik waf hoort bij weven.

Zo zegt men: wij drinken en hebben gedronken.
Maar echt niet: wij hinken en hebben gehonken,
Het is moeilijk, maar weet u: van weten komt wist,
Maar hoort bij vergeten nou logisch vergist?
Juist niet zult u zeggen, dat komt van vergissen.
En wat is nu goed? U moet zelf  maar beslissen.
Hoort bij slaan nu: ik sloeg, of ik slig, of ik slond?
Wat bij gaan hoort: ik ging en niet ik goeg of ik gond.

En noemt u een mannetjesrat soms een rater?
Dat geldt toch alleen bij een kat en een kater.
U ziet, onze taal, beste dames en heren,
Is net als ik zei, best moeilijk te leren !!!